DADELTAART

Een vriendinnetje van vroeger kwam bij me langs en ze zou een taartje meenemen. Altijd lekker, een taartje! Maar toen ze aan kwam zetten met een dadeltaartje was ik toch ietwat beteuterd. Ik had een appeltaart verwacht. Of iets anders zoets en lekkers met veel slagroom. Een dadeltaartje, sja, jeetje, dat klinkt niet echt superlekker. Dat klinkt een beetje heel erg gezond. Dat klinkt jaren ’70. Dat klinkt als iets voor bij een spinazie-appelsapje en ik was dus nogal sceptisch. Tot ik m’n eerste hapje nam. OMG! Meteen verkocht. Meteen dadeltaart-fan! Meteen het recept aan m’n vriendinnetje gevraagd. Er de afgelopen weken al meteen elke week eentje gemaakt! Supersupersupersuperlekker en vooral; supermakkelijk om te maken! Geen oven nodig! Onderstaand recept is voor een springvorm van 22 centimeter, maar ik heb het recept ook als eens gemaakt voor een springvorm van 18 centimeter en toen gewoon overal de helft van genomen. Het is overigens een erg machtig taartje, maar dus ZALIG!

dadeltaart

Ingrediënten:
450 gram dadels (zonder pit)
250 gram Bastognekoek (bij de LIDL heb je nepperds)
100 gram bruine basterdsuiker
150 gram roomboter
2 eieren
geraspte kokos
scheutje Amaretto

Smelt de boter met de suiker totdat de suiker is opgelost (blijven roeren).
Voeg de (in kleine stukjes gesneden) dadels toe en laat aan de kook komen (blijven roeren).
Voeg de 2 losgeklopte eieren en de scheut Amaretto toe en laat dit zo’n 1 tot 2 minuten koken (en blijf goed roeren).
Doe het vuur nu uit en voeg de in kleine stukjes gebroken Bastognekoeken toe en… jawel, blijf roeren tot het vocht is opgenomen.
Verdeel dit alles over een springvorm van 22 centimeter en druk alles goed aan.
Bestrooi dit met de kokosrasp en laat alles opstijven in de koelkast.



KRENTENBOLLEN

Je moet er wat voor over hebben; zelf krentenbollen maken. Want er gaat nogal wat tijd in zitten, al is het die tijd dubbel en dwars waard, want de geur van verse krentenbolletjes die zich door je huis verspreid; priceless! Ik denk trouwens dat dit recept niet te doen is zonder keukenmachine (al deden onze oma’s dat vroeger ook, dus het IS te doen). Ik vond het in ieder geval zeer prettig dat ik het grootste gedeelte van het kneden door m’n Kitchenaid kon laten doen.

krentenbollen
Ingrediënten (voor 24 kleine bolletjes):
350 gram rozijnen
500 gram bloem + 200 gram bloem
2 zakjes gedroogde gist (14 gram)
300 ml melk
2 eieren
4 eetlepels suiker
10 gram zout
50 gram roomboter
rasp van 1 citroen

Laat de rozijnen wellen in een kom met warm water. Dit moet minstens een uur, maar ik zet ze liever een dag van tevoren al in een kommetje, zodat ik de volgende ochtend de krentenbolletjes kan gaan maken.
Doe de bloem, gist, suiker en melk bij elkaar in de keukenmachine en draai hier een soepel deeg van met de deeghaken. Eventueel nog een beetje bloem of melk toevoegen afhankelijk van de elasticiteit van het deeg; het moet dus droog aanvoelen. Maak een bal van het deeg en laat het minstens 30 minuten rijzen op een warme plek (leg even een schone theedoek over de kom waar je de deegbal in bewaard).
Doe nu de zachte boter, 1 heel ei (dus wit en geel) en nog 1 eigeel bij het deeg (bewaar het eiwit), samen met het zout, de citroenrasp en de (uitgelekte en drooggedepte rozijnen). Laat hier weer een deeg van draaien door de keukenmachine. Hier moet je zeker nog wat bloem bij doen, maar de hoeveelheid is dus afhankelijk van diverse factoren (hoeveel water de rozijntjes hebben opgenomen bijvoorbeeld). Reken op zo’n 200 gram, maar dat kan dus meer of minder zijn. Haal het deeg uit de keukenmachine en kneed het nog even goed door. Als het goed voelt, dan is het goed. Laat het nog een keertje 30 minuten rijzen.
Verwarm de oven voor op 250 graden.
Maak nu 24 bolletjes van het deeg en leg dit op een bakblik met daaronder bakpapier. Laat ook de bolletjes weer even rijzen (20 minuutje).
Het eiwit dat je hebt bewaard klop je los met wat water en dit smeer je over de krentenbolletjes.
Ze moeten nu ongeveer 15 minuutjes in de oven, maar ik zou er vanaf 12 minuten sowieso even naast blijven staan, want die laatste minuten kunnen snel gaan. Ze moeten eruit zien als; lekkere krentenbollen! En vaak valt dat moment ook samen met het moment dat het hele huis lekker begint te ruiken.
Meteen uit de oven een paar krentenbolletjes opensnijden en besmeren met roomboter! Hmmmmmm!!!!!!



Perencake

Ik weet niet waarom, maar ik heb een boekje met de titel Kook OK van Rob Geus in m’n kookboekenkast staan. Rob Geus, de man die sinds 2001 het gezicht is van het tv-programma ‘De Smaakpolitie’. Een programma dat ik nooit kijk, overigens. Ik vrees dat ik dit boekje ooit van m’n moeder heb gekregen, want de ondertitel luidt; ‘Lekker, gezond, eenvoudig en niet duur! Met tips en trucs voor een schone keuken.’ Vooral dat laatste zinnetje zal een trigger zijn geweest voor m’n moeder; schone keuken. Al weet mijn moeder ergens ook wel dat het hele huishouden me niks kan schelen, maar dat ik wél altijd een schone keuken heb (okay, ik zou misschien iets vaker de keukenvloer kunnen dweilen). M’n badkamer, m’n slaapkamer, m’n woonkamer; het kan me allemaal niet boeien, maar m’n aanrecht is altijd schoon.

In het boek geeft Rob Geus tips als ‘haal eens in de maand een doekje door de keukenkastjes’ of ‘maak eens de 2 weken de koelkast schoon met een sopje’ en ‘ ontdooi de vriezer eens per maand, dit voorkomt ijsvorming’. Eh??? Sorry Rob, maar daar kan ik niet aan beginnen! Weet je wel wat ik allemaal in de vriezer heb liggen?

perentaart

Ik maakte de perencake uit dit boek. Al deed ik het niet precies volgens de aanwijzingen van Rob (ja, sorry, een man die elke maand z’n vriezer ontdooit kan ik niet serieus nemen). Ik gebruikte 3 peren in plaats van 2 en in plaats van voorzichtig te spatelen heb ik alles bij elkaar in de Kitchenaid gedaan en de boel keihard geblenderd. Ik bakte alles ook 20 minuten langer, want toen ik na een uurtje met een satéprikker checkte of die er droog uit kwam, was dat niet het geval.

Misschien was het daarom ook logisch dat mijn perencake in niets leek op de perencake van Rob. Hij was massief, een beetje zoals een spekkoek. “Ik weet het niet hoor”, zei ik. “Even af laten koelen dan snijden we ‘m aan”, zei de verkering. En binnen een dag was de hele cake op. Dat gebeurde me nooit eerder met een cake. Hij was dus precies goed. Ik smeerde er wat losgeklopte mascarpone met kaneel op, wat ook heel lekker was, maar niet noodzakelijk. Dus, Rob! Thumbs up!!! Misschien maak ik over een half jaar m’n diepvries wel schoon!

Ingrediënten:
250 g roomboter (op kamertemperatuur)
125 g witte basterdsuiker
125 g bruine basterdsuiker
5 eieren
240 g patentbloem
1 eetlepel zelfrijzend bakmeel
2 verse peren
cakevorm

Verwarm de oven voor op 160 °C. Beboter het cakeblik en bestrooi het met wat bloem. Schil de peren en snijd deze in stukjes.
Klop de boter schuimig met de suiker. Hoe luchtiger de boter, des te lekkerder de cake wordt. Voeg 1 voor 1 de eieren toe terwijl de mixer blijft draaien.
Zeef de bloem en het bakmeel en spatel dit voorzichtig bij het eimengsel (niet roeren, want dan gaat de lucht eruit!). Spatel ook de peer door het beslag en schenk dit in de cakevorm.
Bak de cake in ongeveer 60 minuten gaar. Stort hem na het bakken direct op een plank en bestrooi hem met wat suiker.



Nieuwjaarsrolletjes (of kniepertjes)

‘Het is zover’, Whatsapp’t buurmeisje D.
‘Ik kom eraan’, app ik terug.

Mijn buren weten eerder wat er bij ons gegeten wordt dan er op dit blog kan verschijnen. De geuren van Marokkaanse stoofschotels, Indiase curry’s en Thaise soepen vliegen binnen no time de schutting over en, zeker in de zomer, als alle deuren los zijn, piept buurvrouw J. regelmatig boven de schutting met de vraag: “Wat ben je nou weer voor lekkers aan het maken?” Helaas is buurman G. niet zo van de culinaire gekkigheid en meer van de Hollandse pot.

En al ben ik best bekend met Hollandse gerechten en tradities; nieuwjaarsrolletjes of kniepertjes kende ik niet. Laten mijn buren nou net echte Achterhoekers zijn die elk jaar samen een hele stapel maken! Ik instrueerde buurmeisje D. om me even te laten weten wanneer ze zouden beginnen, want typische Hollandse tradities mogen niet vergeten worden (maar ja, dan moet ik ze wel eerst kennen!).

nieuwjaarsrolletjes

Een kniepertje is een plat wafeltje, terwijl een rolletje (dus een nieuwjaarsrolletje), het klinkt logisch; opgerold wordt. Het is de traditie dat je in december de platte kniepertjes gepresenteerd krijgt als je ergens op de koffie gaat, terwijl je vanaf nieuwjaarsdag dus de rolletjes eet. De achterliggende gedachte; in december is het oude jaar al volledig ontvouwen, terwijl het opgerolde koekje het onbekende jaar symboliseert. Mooi!!!

Wanneer ik via de achterdeur bij de buren binnenkom zijn buurman G. en buurvrouw J. al druk bezig. Het beslag is al eerder volgens een oud familierecept gemaakt. En het is bij dit beslag dus niet zo dat je alle ingrediënten bij elkaar kan gooien en kan mixen (zoals ik meestal doe bij beslag). Je moet alles op een bepaalde volgorde bij elkaar doen, anders komt het niet goed. Buurman G. is in charge over het speciale wafelijzertje en doet steeds een eetlepel van het beslag in het wafelijzer. Na ongeveer een minuut is het wafeltje klaar en wordt het met een mes van het wafelijzer gehaald en voor buurvrouw J. gelegd Zij zit klaar met een speciaal stokje (niet helemaal recht, want anders krijg je het rolletje er niet vanaf). Om dit stokje wordt het wafeltje gerold, er dan weer vanaf gerold en op een blaadje gelegd om af te koelen. Het is een tijdrovende bezigheid en alles komt erg nauw, maar buurman G. en buurvrouw J. doen dit overduidelijk al velen jaren samen en zijn volledig op elkaar ingespeeld. Mooi!

Ik kreeg een zakje met wat nieuwjaarsrolletjes mee naar huis en al is het niet de bedoeling de opgerolde al vóór het nieuwe jaar te nuttigen, toch zijn ze allemaal al op. Met slagroom. Heerlijk! Voor iedereen die niet naast Achterhoekers woont die tradities in ere houden; ga naar de supermarkt en koop een doos Vegter’s rolletjes. Stuk minder lekker natuurlijk, maar ja, je kan niet allemaal zulke lieve buren hebben.



Bokkenpootjes-advocaat-taart

Ik vind het eigenlijk een typische Paas-taart, maar m’n moeder kwam er tijdens Eerste Kerstdag mee aanzetten. En… niet geheel onverwacht smaakte-ie ook tijdens de kerstdagen (en we hadden nog een stukje over, dus ook de dagen erna) heerlijk. Het is een heel makkelijk te maken taart en je hebt geen oven nodig!

bokkepootjestaart

Ingrediënten:
2 pakken bokkenpootjes
2 pakjes houdbare slagroom
8 eetlepels advocaat
kant-en-klare taartbodem
suiker

Klop 1 pakje slagroom stijf met wat suiker.
Besmeer de taartbodem met de helft van de slagroom.
Bedek deze taartbodem met de bokkenpootjes (die je eerst door de lengte hebt gehalveerd).
Hierover smeer je de andere helft slagroom en ook die bedek je weer met bokkenpootjes (hou wel een paar bokkenpootjes achter, om de taart mee te garneren).
Nu klop je het tweede pakjes slagroom stijf en daarna roer je de advocaat erdoor. Dit mengsel smeer je over de bokkenpootjes.
De allerlaatste bokkenpootjes verkruimel je nu over het advocaatmengsel.
Zet de taart nu minstens 12 uur in de koelkast.



Pindarotsjes

Het wil nog wel eens voorkomen dat je met een overdosis chocolade in huis zit. Zo kregen de verkering en ik van Sinterklaas allebei 2 chocoladeletter en allebei een netje met chocolademunten. De dag na Sinterklaas was alles half aangebroken en in een hoekje van de keuken beland. Om ervoor te zorgen dat die restjes niet blijven liggen tot volgend jaar heb ik pindarotsjes gemaakt (ik had nog meer halve repen chocolade her en der in laatjes liggen). Ik heb alle restjes chocolade die ik kon vinden bij elkaar gegooid (dus wit, melk en puur), maar voor het oog is het mooier om de chocolade apart te verwerken zodat je bijvoorbeeld pure chocoladepinda’s hebt en witte chocoladepinda’s (ik moet overigens wel zeggen dat de alleen witte chocoladepinda’s het allerlekkerst zijn, dus het is het ook wel waard om een paar repen witte chocolade te halen en alleen die te gebruiken). Ik gebruik in dit recept een bakje ongezouten pinda’s, maar ik wilde eigenlijk een zak doppinda’s gebruiken, zodat ik die dan zo gezellig samen met de verkering zou kunnen doppen op de bank terwijl we een paar aflevering van Mad Men keken. Maar de verkering zag de bui al hangen toen er ‘doppinda’s op het boodschappenlijstjes stond en nam een bak gedopte pinda’s mee en ging daarna weer verder met z’n potje Candy Crush.

pindarotsjes

Ingrediënten:

Restjes chocolade (ik had totaal zo’n 700 gram)
300 gram gedopte pinda’s (ongezouten dus)

Smelt de chocolade au bain-marie en laat het daarna heel even afkoelen.
Meng de pinda’s door de chocolade, zodat alle pinda’s een laagje chocolade hebben en maak er nu pindarotsjes van door steeds met 2 lepels een bergje pinda’s op een stuk bakpapier te leggen (en daaronder een dienblad of bakplaat).
Goed af laten koelen (eventueel in de koelkast).



Rocky road

Onlangs werd mijn aandacht getrokken door een recept met de naam ‘Rocky Road’. Er staan verschillende recepten voor deze chocolade-calorie-bom online, maar waar het eigenlijk op neerkomt: je kiest een aantal ingrediënten die je lekker vindt (en die bij chocolade passen), je smelt de chocolade, je roert alles even door elkaar en that’s it. Ik maakte er eentje met marshmallows (want dat geeft zo’n leuk gekleurd effect), walnoten en discodip (want dat geeft ook zo’n leuk gekleurd effect).

rockyroad

Ingrediënten:
400 gram pure chocolade
200 gram witte chocolade
50 gram marshmallows
100 gram gepofte tarwe met honing
handje walnoten
discodip

Leg een groot stuk bakpapier in een ovenschaal.
Knip de marshmallows in kleine stukjes en mix ze met de gecrushte walnoten en de gepofte tarwe met honing door elkaar. Leg dit alles in de ovenschaal.
Smelt de pure chocolade au-bain-marie en doe daar op het laatst blokjes witte chocolade bij die je niet helemaal laat smelten.
Giet de chocolade over de mix en roer alles goed door elkaar.
Strooi de discodip eroverheen en zet alles een halfuur in de koelkast.
Daarna is het hard genoeg om in stukjes te snijden zo groot of klein als je lekker vindt.



Speculaasbrownies

Ik denk dat @Rozemarijn_eet de enige foodblogger is die ik volg op twitter (maar misschien komen er met de komst van mijn eigen kookblog wel meer bij in de toekomst). Ik zag haar recept voor speculaasbrownies voorbij komen en wilde ze meteen maken.

browniespeculaas

Ik heb me bijna helemaal aan haar recept gehouden (dat je HIER kan vinden). Zij gebruikt 125 pure chocolade en ik heb er een hele reep van 200 gram in gedaan. En ze waren werkelijk superlekker!