Kook de cover: boeuf bourguignon

Ik neem de Allerhande altijd mee van de Albert Heijn, want hé, gratis door een leuk kooktijdschrift bladeren; altijd fijn! Ik kook er eigenlijk nooit iets uit, al heb ik stapels met oude Allerhandes en ook stapels uitgescheurde recepten. Tijd om het eens helemaal anders te doen en elke maand het recept dat op de cover staat te koken. En eigenlijk voel ik mij daartoe ook verplicht, want boven het recept van elke maand staat ook in grote letters en in gebiedende wijs; kook de cover. Okay!

boeufbourguignon

De eerste Allerhande die ik tegenkwam was de Allerhande van oktober 2013. Het recept op de cover: boeuf bourguignon! Het is een echt klassiek herfstgerecht (ja, anders staat het niet in het oktober-issue), maar het smaakt ook prima in de winter (en ik zou het ook heerlijk vinden in de lente of de zomer).

Ik heb me volledig aan het recept in de Allerhande gehouden en dat mag eigenlijk een wonder heten (okay, ik heb alle ingrediënten zo ongeveer verdubbeld). Ergens midden in het proces wilde ik alles gewoon bij elkaar flikkeren en daarna laten stoven, maar de verkering heeft mij tegen gehouden en me verplicht om het recept te volgen. Ik weet niet of het daaraan lag, of aan het werkelijk Goddelijk goed smakende biologische rundvlees van onze eigen koe, of de liter rode, of aan de uren stoven, maar ik denk dat dit m’n nieuwe, favoriete recept voor riblappen is! Bijkomend voordeel; het hele huis rook de hele dag heerlijk!

Oh, wacht, nog een extra gratis tip! In het recept moest ik een bouquet garni maken van tijm, peterselie en laurier, maar ik kon geen touw vinden om het aan elkaar te knopen en al die kruiden pasten niet in een thee-ei. “Dan doe je ze toch in een koffiefilter?”, zei de verkering. Top-tip. Koffiefilter met kruiden erin, dichtvouwen en bij de rest van het gerecht voegen. Voordat je alles opdient wel even het koffiefilter verwijderen, want een koffiefilter staat toch iets minder chique dan een bouquet garni.

Ingrediënten (voor 4 personen):
750 gram riblappen in blokjes van 2 x 2 centimeter
2 uien in ringen
250 winterwortel in plakjes
3 tenen knoflook in plakjes
750 milliliter rode wijn
180 gram gerookt ontbijtspek
1 blikje tomatenpuree (70 gram)
2 takjes verse tijm
2 laurierblaadjes
20 gram verse peterselie
250 gram champignons
1 potje zilveruitjes (340 gram)
keukentouw

Meng in een kom het rundvlees met de ui, winterpeen en knoflook en schenk de wijn erover. Laat minimaal 2 uur afgedekt in de koelkast marineren. Neem alles 30 minuten voor gebruik uit de koelkast. Schep het vlees vlak voor gebruik uit de marinade en dep droog met keukenpapier.
Snijd het ontbijtspek in reepjes en bak het in een braadpan zonder olie of boter op laag vuur in 10 min. uit. Schep uit de pan.
Doe het rundvlees in de pan en bak het goudbruin in het spekvet. Schep uit de pan.
Schep de groenten uit de marinade, doe in dezelfde pan en bak zachtjes 5 min. Voeg de tomatenpuree toe en bak 1 min. mee. Voeg het rundvlees, het spek en de marinade toe en breng zachtjes aan de kook.
Bind ondertussen de tijm, laurierblaadjes en de helft van de peterselie bij elkaar met een stukje keukentouw. Voeg dit bouquet garni toe aan het vlees en de groenten. Laat zonder deksel op de pan 2,5 uur zachtjes stoven. Voeg tijdens het stoven wat water toe als er onvoldoende vocht aanwezig is om het vlees in te stoven.
Voeg de champignons toe. Laat de zilveruitjes uitlekken en doe erbij. Laat het vlees en de groenten nog 30 minuten stoven. Is het vlees dan nog niet mals, stoof dan nog 30 minuten.
Snijd de blaadjes van de rest van de peterselie fijn en strooi over de boeuf bourguignon.
Lekker met aardappelpuree.



Hongaarse goulash

“Ik ga goulash maken”, zei ik tegen de verkering.
“Moet je doen, joh”, zei hij.

Ik had ’t nog nooit eerder gemaakt en haalde m’n inspiratie her en der van internet en uit kookboeken. Hij was heerlijk en… uiteraard genoeg voor veel, zodat ik ook een paar bakken in de diepvries heb gezet.

hongaarsegoulash

Ingredienten (voor 8 personen):
1 kilo runderriblap
250 gram spekjes
3 uien
2 blikken gepelde tomaten
2 glazen rode wijn
500 milliliter runderbouillon
1 groene paprika
1 rode paprika
1 gele paprika
2 wortels
2 stengels bleekselderij
1 eetlepel paprikapoeder
1/2 eetlepel karwijzaad
1/2 theelepel nootmuskaat
roomboter
zout, peper

Ik kan hier een heel lang en ingewikkelde bereidingsmethode neerzetten, maar dat ga ik niet doen. Want het is ook niet zo ingewikkeld.
Bak de spekjes en de in stukken gesneden runderriblap in wat roomboter.
Afblussen met de wijn.
Voeg de in stukken gesneden paprika, ui, wortel en bleekselderij toe. Ik had zelf nog wat mini-paprika’s liggen, dus die heb ik er ook bijgedaan. Heb je 2 rode en geen gele, of 3 groene en geen andere kleur paprika’s? Gewoon zoveel mogelijk paprika’s toevoegen. Niet te moeilijk.
Ook de kruiden erbij en de bouillon.
Dan heel lang en heel zacht laten pruttelen. Standje 1 dus.
Proeven of het gaar en klaar is (ik liet het 5 uur pruttelen).
Goed blijven checken tussendoor of er eventueel meer water bij moet. En als het allemaal te waterig is, dan kun je het even op een wat hoger vuur zetten (wel blijven roeren).
Lekker met aardappelen. Of rijst.



Tielsche Stoverij

Mijn oma, de moeder van mijn moeder, maakte altijd hachee voor ons (en met ons bedoel ik dan mijn vader, mijn moeder en mij, want mijn oma is alweer 20 jaar overleden). Geen idee hoe ze het maakte, maar ik neem aan op de ouderwetse manier en niet met een zakje hacheekruiden van Silvo. Mijn moeder zal het recept voor hachee best van haar hebben geleerd, maar ik heb m’n moeder ook wel eens met zo’n Silvo-zakje in de weer gezien. Niks mis mee overigens en ik heb ze jaren geleden ook gebruikt toen ik voor de eerste keer hachee maakte (en toen was ik héél trots op mezelf). Maar sinds ik het een keer volgens onderstaand recept maakte, wil ik eigenlijk nooit meer wat anders. Ik noem het Tielsche Stoverij, omdat zowel het vlees als de uien van een boer hier uit Tiel komen, maar eigenlijk is het dus gewoon hachee, of stoofvlees, op de manier zoals ik het maak. Het is niet moeilijk, je moet er alleen de tijd voor nemen.

tielschestoverij

Ingrediënten (voor 4 personen):
1,5 kilo runderriblappen
125 gram roomboter
1 kilo uien
2 flesjes bruin bier
1 eetlepel honing
2 eetlepels balsamicoazijn
5 laurierblaadjes
6 kruidnagelen
beetje foelie (niet noodzakelijk)
1 runderbouillonblokje
peper en zout

Snij in het vlees in grove stukken (hoe kleiner je het snijdt, hoe eerder de hachee klaar is) en bestrooi alles met zout en peper.
Smelt de roomboter in de pan en bak het vlees aan (zodat alles is dichtgeschroeid, maar het moet geen harde korst krijgen).
Snij de uien in grove stukken, de knoflook in kleine stukjes en bak alles even mee met het vlees.
Blus alles af met het bier.
Doe nu de rest van de ingrediënten erbij (de kruiden kun je in een thee-ei doen, zodat je die er later weer gemakkelijk uit kunt halen).
Dit laat je allemaal minstens 3 uur zachtjes pruttelen. Ik heb het uiteindelijk pas na 6 uur van het vuur gehaald, zodat de stukken vlees bijna smelten in je mond.
Als de hachee te dik dreigt te worden, dan kun je eventueel tussendoor wat water toevoegen. Is de hachee op het einde te dun, dan kun je er een plak (of meerdere) ontbijtkoek door doen om alles te binden.
Je kan dit, heel Hollands, met aardappelen en rode kool met appeltjes eten, maar ik vind het zelf ook erg lekker met rijst.



Tielsche sudderlapjes

Niks smaakt zo naar vroeger als een goed klaargemaakt sudderlapje! Mijn moeder maakte ze vroeger natuurlijk ook, maar ik heb vooral een jeugdherinnering aan die ene keer dat ik bij mijn tante Hilda en ome Jan mee at. Ze aten aardappels, groente en vlees, maar, heel anders dan bij ons thuis werd het vlees pas als laatste gegeten. Dus eerst je aardappels en groente en daarna mocht je pas je vlees. Het ‘lekkerst’ pas voor het laatst. Tante Hilda had dus sudderlapjes gemaakt en omdat ik het zo raar vond om te moeten wachten op het vlees ben ik het nooit vergeten.

tielschebraadlapjes

Onderstaand recept is niet typisch Tiels, maar volgens mij gewoon de ouderwetse manier om sudderlapjes, of draadjesvlees, klaar te maken. Ik noem het Tielsche sudderlapjes omdat het rundvlees dat wij in huis hebben en gebruiken altijd van onze ‘eigen koe’ komt. Zo’n 2 tot 3 keer per jaar kopen wij 1/10 koe (zo’n 35 kilo), van onze eigen Tielse boer. Deze veehouder heeft maar een klein aantal koeien dat met liefde wordt grootgebracht. Ze worden trouwens ook met liefde en zorg geslacht door een Tielse slager. Prachtig vlees. 100% biologisch. En dus 100% Tiels.

Ingrediënten:
750 gram braadlapjes (of sukadelapjes, of riblappen)
100 gram roomboter
2 uien
2 tomaten (of 1 klein blikje tomatenpuree)
500 milliliter rundvleesbouillon (van blokje)
5 kruidnagelen
3 eetlepels azijn
3 laurierblaadjes
peper en zout

Wrijf de braadlapjes in met zout en peper.
Laat de roomboter bruin worden in een pan met dikke bodem en bak de braadlapjes aan beide zijden bruin.
Snij de ui en de tomaat in stukjes en doe ze in de pan en bak ze even mee.
Voeg nu de warme rundvleesbouillon toe, samen met de azijn, 3 laurierblaadjes en de kruidnagel toe.
Extra tip; gebruik een thee-ei om de laurierblaadjes en kruidnagelen in te doen. Dit thee-ei laat je dan in een stoofschotel bungelen en haal je aan het einde van de bereidingstijd eruit. Zo hoef je niet te gaan zoeken naar de laurierblaadjes (al zijn die vaak gemakkelijk te vinden) of kruidnagelen (die zijn moeilijker te vinden en die wil je niet per ongeluk tussen je tanden krijgen).
Leg nu een deksel op de pan en laat dit alles minstens 3 uur sudderen.
Verwijder het thee-ie (of als je die niet hebt gebruikt; ga op zoek naar het laurierblad en de kruidnagelen).
Lekker met aardappelen en groenten (bloemkool bijvoorbeeld).